|
Thanasis Valtinós -- De afdaling van de negen
De afdaling van de
negen
is het begin van een langzamerhand omvangrijk oeuvre, waarin Valtinós
compromisloos op zoek is naar de essentie van het menselijk bestaan. De
beschreven `afdaling' is een fragment uit het gecompliceerde mozaïek van de
Griekse burgeroorlog (1946-49). Het verhaal begint in het najaar van 1948, als
het pleit in feite al beslecht is. Het herstel van de `rechtse' orde is in volle
gang en zelfs de Taýgetos-bergketen biedt de partizanen geen veilige
schuilplaats meer. Ze moeten daar weg en beginnen aan een overlevingstocht, die
in feite geen enkele uitweg biedt. De laatste overlevende wordt aan het eind van
het boek gevangen genomen... Een parabel van het menselijk leven.
De toon van het
werk is daarmee gezet. Ver van iedere vorm van modieus gekakel, schrijft
Valtinós aan zijn Ecce homo (Zie de mens), waarin de `feiten' het werk
moeten doen.
De schrijver
registreert alleen maar, lijkt het. Die schijnbare afwezigheid in het verhaal is
de vorm die Valtinós kiest voor een sterk persoonlijk en indrukwekkend
schrijverschap.
Thanasis Valtinós
werd in 1932 geboren in een dorpje op de Peloponnesus. Hij groeide op in Sparta,
Gythion en Trípoli. Daarna studeerde hij enige tijd politieke en sociale
wetenschappen in Athene. Die studie brak hij af om zich te gaan bekwamen in het
scenario-schrijven. Als scenarist werkte hij o.a. mee aan films van Thódoros
Angelópoulos. Afgezien van een enkel kort verhaal is De afdaling van de negen,
dat hij in 1959 schreef maar pas later publiceerde, zijn prozadebuut.
Meer
over de schrijver en zijn werk, alsook over de Griekse burgeroorlog, in het
nawoord van de uitgave.
Thanasis Valtinós,
De afdaling van de negen (novelle; vertaling en nawoord Johan Kwist,
1997, ISBN 90 5693 009 5, 52 p.) [€13,50]
|